hoofd Hoofd Adjective
- English
- chief
- Deutsch
- leiter
Example
- De **Hoofd**-oorzaak van de vertraging was de storm. (De belangrijkste oorzaak van de vertraging was de storm.)
- The chief cause of the delay was the storm.
- In het Nederlands is 'Hoofd' hier een vast onderdeel van een samengesteld woord.