verrijken [vərˈrɛikə(n)] Verb
- English
- enrich
- Deutsch
- bereichern
Example
- De studie van de klassieke talen **verrijkt** (verdiept / verfijnt / verhoogt de kwaliteit van) ieders begrip van de moderne wereld.
- The study of science has enriched all our lives.
- Hier ligt de focus op intellectuele diepgang.