teder Teder Adjective
- English
- tender
- English
- tender
Example
- Zij gaf hem een **tedere** aanraking. (Zachtmoedig / Liefdevol / Voorzichtig) — van: He gave her a tender hug.
- He gave her a tender hug.
- De buiging is verplicht voor het de-woord 'aanraking'.