overtreder overtreder Noun

English
offender
Español
infractor

Example

  • De politie heeft de **overtreder** (dader / schender / schurk) in de kraag gevat na de kleine winkeldiefstal.
  • The police are targeting repeat offenders in the downtown area.
  • Hier is 'overtreder' het meest neutraal en passend voor een lichte misdaad.