associëren associëren Werkwoord

English
associate
Italiano
associare

Example

  • Ik **associeer** de geur van dennennaalden **met** mijn jeugd. (Ik **verbind met** / **koppel aan**)
  • I always associate the smell of baking with my childhood.
  • De geur is de trigger; de jeugd is het gekoppelde concept.