zaakdoener Zaakdoener Noun
- English
- agent
- 日本語
- 代理人
Example
- Onze [Zaakdoener] (Tussenpersoon / Vertegenwoordiger / Gemachtigde) handelt alle Amerikaanse verkoop af.
- Our agent in New York deals with all US sales.
- In zakelijke contexten is het Engelse leenwoord vaak de meest neutrale keuze.