aanstoot aanstoot Noun
- English
- offence
- 한국어
- 모욕 (Insult) / 위반 (Violation)
Example
- Hij kreeg een boete voor een kleine verkeers**aanstoot** (overtreding / misstap / belediging).
- He was arrested for a minor traffic offence.
- Hier is 'overtreding' het meest gangbaar voor verkeerszaken.