gewend zijn aan gewend zijn aan Adjectief (als deel van een werkwoordelijke uitdrukking)
- English
- used
- Português
- acostumado(a) a / costumava
Example
- Ik ben **niet gewend aan** zo veel vroege vergaderingen.
- I'm not used to eating so much at lunchtime.
- Benadrukt het ongemak van de nieuwe routine.