plotseling plotseling Adjective

English
sudden
Português
de repente

Example

  • Een **plotselinge** [onverwachte / abrupte / onvoorziene] windvlaag rukte aan mijn paraplu.
  • A sudden gust of wind blew my hat away.
  • Hier is 'plotselinge' verplicht omdat het een bijvoeglijk naamwoord is dat het zelfstandig naamwoord 'windvlaag' beschrijft.