ongepast ongepast Adjective

English
inappropriate
ไทย
ไม่เข้าท่า

Example

  • Zijn kledingkeuze was **ongepast** (misplaatst / niet passend / onbehoorlijk) voor de bruiloft.
  • He wore inappropriate clothing for the hike.
  • Focus ligt op de mismatch tussen kleding en gelegenheid.