snijden [snɛi̯dən] Verb
- English
- cut
- Українська
- різати (перерізати / розтинати)
Example
- Zij **sneed** (sneed / sneed door / sneed) haar vinger aan een stuk glas.
- She cut her finger on a piece of glass.
- Hier gebruiken we de verleden tijd 'sneed' (sterk werkwoord).