beoefenaar Beoefenaar Noun
- English
- practitioner
- 中文
- 从业者
Example
- De tandheelkundige [beoefenaar] (vakspecialist / expert / meester) adviseerde een nieuw behandelplan.
- The dental practitioner recommended a new treatment plan.
- Hier is 'tandarts' of 'tandheelkundige' natuurlijker, maar 'beoefenaar' benadrukt de *uitoefening* van het vak.